Bij het transport van zeer zware ladingen kan het handig zijn om de lading te beveiligen met sjorkettingen die zijn goedgekeurd volgens de EN 12195-3-norm, in plaats van met spanbanden die zijn goedgekeurd volgens de EN 12195-2-norm. Dit beperkt het aantal benodigde sjorbanden, aangezien sjorkettingen een veel grotere borgkracht bieden dan spanbanden.
Voorbeeld van kettingbevestigingen volgens de EN 12195-3-norm.
Meestal zijn de sjorkettingen van het type met korte schakels. Aan de uiteinden zitten speciale haken of ringen om ze aan het voertuig te bevestigen, of om de lading vast te maken bij directe sjorring.
Sjorbanden zijn voorzien van een spaninrichting. Dit kan een vast onderdeel van de sjorband zijn of een apart apparaat dat langs de te spannen sjorband is bevestigd. Er bestaan verschillende soorten spansystemen, zoals een ratelsysteem en een spanschroefsysteem. Om te voldoen aan de EN 12195-3-norm is het noodzakelijk dat er voorzieningen zijn die losraken tijdens transport voorkomen. Dit zou immers de effectiviteit van de bevestiging in gevaar brengen. De speling na het spannen moet bovendien beperkt blijven tot 150 mm om te voorkomen dat de lading verschuift en daardoor spanning verliest als gevolg van zetting of trillingen.
Voorbeeld van een plaat volgens de EN 12195-3-norm.
Gebruik van kettingen voor directe sjorring
Geplaatst op: 28 april 2022



